Bernard 788x525

Jaaroverzicht Benin

In 2014 was The Hunger Project Benin actief in 18 epicentra. In 14 daarvan waren de programma’s in volle gang; één epicentrumgebouw (Gohomey) werd geopend, in twee epicentra werd gebouwd en één gemeenschap werd gemobiliseerd. Op alle fronten werkten we naast mentaliteitsverandering en mobilisatie, die altijd de kern van ons werk zijn, ook aan programma’s die de epicentra zelfvoorzienend moeten maken: voedselzekerheid, gezondheidszorg, onderwijs, water en sanitatie, inkomen enzovoort.

Resultaten en uitdagingen
Naast de reguliere programma’s startte The Hunger Project in 2014 met een aantal nieuwe initiatieven. Zo werd in Bétérou epicentrum een Vrouwelijk Leiderschapsteam en een Club van Modelmoeders opgericht – om de rol van vrouwen in het epicentrum te versterken. In Kissamey en Avlamè werd een landbouwcompetitie georganiseerd. En leden van epicentrumcomités werden getraind om de opbrengsten van de microfinancieringsbank te vergroten, en deze in te zetten voor het bereiken van zelfredzaamheid.

Uiteraard waren er ook uitdagingen in 2014. Zo blijft de deelname van meisjes aan de ICT-trainingen achter en viel de samenwerking met de overheid in Benin rond het alfabetiseringsprogramma tegen.


3 x tipping point

Het business plan 2012-2018 van The Hunger Project-Benin gaat uit van het tipping point: met voldoende kritische massa (10% van de plattelandsbevolking) zal de epicentrumstrategie zich verspreiden en overgenomen worden door anderen. Drie voorbeelden van tipping point vooruitgang in 2014:

  1. Monitoring van voeding: onze methode om de gezondheid en voedingsconditie van kinderen en volwassenen in de gaten te houden, wordt in samenwerking met het ministerie van Gezondheid uitgebreid naar de overheidsgezondheidscentra in de regio Dassa-Glazoué.
  2. Moringacampagne: het moringaprogramma is een van de grootste successen met groeiende deelnemersaantallen, waaronder internationale organisaties. The Hunger Project Benin traint ook andere organisaties in de productie van moringapoeder. En met steun van de Postcode Loterij breiden we het programma uit naar Ethiopië, Malawi en Oeganda.
  3. Promotie van ondernemerschap: The Hunger Project daagt mensen in epicentra uit om ondernemende plannen te maken, waarbij de meest kansrijke ondernemers extra ondersteuning krijgen. Zo werkt The Hunger Project Benin samen met het ‘Nationale fonds voor de promotie van jongere ondernemers en werk’, een lokale universiteit en internationale organisaties – waarbij studenten lessen krijgen over sociaal ondernemerschap van de ondernemers in epicentra.

 


3 x impact

In 2014 vonden in de drie epicentra van Kissamey, Bétérou en Avlamè tussentijdse evaluaties plaats. Drie voorbeelden van gemeten impact:

  • In het epicentrum van Bétérou leeft 86,5% van de gezinnen zonder enige vorm van honger
  • In enkele epicentra daalde het aantal huishoudens dat onder de armoedegrens leeft van 47% in 2006, naar 19% in 2014 – een daling van ruim 60%
  • In 2014 is meer dan 90% overtuigd van hun capaciteit om verandering te bewerkstelligen in hun gemeenschap – een resultaat van de trainingen in leiderschap

Meer weten over hoe we impact meten? Hoe we weten of onze programma’s een verschil maken? Of zij écht een einde maken aan honger en armoede? Woensdag 3 juni organiseren we op het kantoor van The Hunger Project een verdiepingsavond over impact. We nodigen je graag uit om daarbij te zijn. Lees meer.

 


Zelfredzaamheid

De eerste drie epicentra die in 2016 zelfredzaam worden zijn Kissamey, Bétérou en Avlamè. In 2015 bereidt The Hunger Project-Benin de exit-plannen voor. Het belangrijkste voor zelfredzaamheid is dat gemeenschappen zelf het epicentrum duurzaam kunnen leiden, zowel op technisch- als organisatieniveau. Belangrijk daarvoor is een gezond netwerk van partnerschappen en de mogelijkheid tot vinden van middelen.

Naast een aantal algemene criteria (toegang tot elektriciteit, hoge deelname aan activiteiten, officiële registratie van de landrechten etc.), verschillen sommige doelen per epicentrum. Zo wil Bétérou dat eind 2016 25% van de bevolking toegang heeft tot sanitaire voorzieningen, terwijl dit in 2014 nog maar 3% was. In Kissamey en Avlamè is het doel 50% omdat de uitgangssituatie daar beter was (21% en 12%). De gemeenschap bepaalt samen met The Hunger Project welke vooruitgang realistisch en nodig is.