Jongeren in de spotlight

Op Internationale Jongeren Dag zetten we jongeren wereldwijd in het zonnetje. Want jongeren staan gelijk aan kansen, initiatieven en energie. In onze programmalanden werken veel inspirerende jongeren aan het einde van honger en armoede in hun land. Zoals Olivier uit Benin, die in epicentrum Avlamé actief is als voorzitter van het jongerencomité. Of Manik uit Bangladesh, een jongerenleider die in zijn dorp een alfabetiseringscentrum is gestart. 

 

“Young people are not just the leaders of tomorrow; they are the leaders of today.”
– Ban Ki-moon, secretaris-generaal van de Verenigde Naties.

Jongeren voorzitter Olivier Aikpé 

Olivier uit Avlame Benin

Olivier werkt als fotograaf. Daarnaast heeft een boerenbedrijf van meer dan vijf hectare – hij houdt er schapen, kippen en hoenders. Ook verbouwt hij veel op zijn land: van cassave tot sojabonen en van katoen tot tomaten. En heeft hij een plantage die vol staat met oliepalmen en teakbomen. Ja, je kunt Olivier wel als een echte ondernemer omschrijven.

“Ik ben de voorzitter van het jongerenprogramma in epicentrum Avlamé, en daarnaast ook lid van het milieu-comité. We zijn hier echt klaar om nieuwe uitdagingen aan te gaan. We gaan binnenkort bijvoorbeeld ICT-trainingen organiseren voor de jongeren uit de buurt. We zullen jullie laten zien dat we in staat zijn het zelf te doen.”

Waarom word je als je al zo’n groot bedrijf hebt ook nog voorzitter van de jongeren? Kost het niet te veel omzet, om regelmatig voor anderen op pad te gaan? Olivier lacht. “Welnee. Ik wil van alles op de hoogte zijn. Dat is ook goed voor mijn bedrijf. Dus dit is een hele goede manier om snel met heel veel andere mensen te integreren. De meest ondernemende jongeren uit de verre omgeving, en dat zijn er meer dan 100, komen vanwege de jongerenbeweging bij elkaar. Nu hoef ik die dus niet allemaal een voor een te bezoeken. Het jongerenprogramma is dus niet alleen belangrijk voor mijn dorp, maar als ondernemer kan ik daardoor ook veel sneller vooruitgaan.”

Olivier verkoopt zijn producten op markten in de wijde omgeving – vooral via tussenhandelaren. “Dat zijn allemaal vrouwen. Die zijn slimmer en veel betrouwbaarder.” Hij heeft er last van dat de prijzen voor zijn producten erg schommelen. Soms door droogte, of doordat de overheid ineens ingrijpt. “Vorig jaar was echt een slecht jaar. Met een heel jaar hard werken had ik uiteindelijk vooral schulden opgebouwd. Maar dit jaar gaat het alweer veel beter, en haal ik dat wel weer in.”

Waar hij het meest trots op is? “Dat we het allerbeste epicentrum van het hele land zijn. Er komen groepen uit andere epicentra bij ons op bezoek, om te leren hoe zij het net zo goed kunnen gaan doen als wij. We zijn gewoon actiefst. Ik heb ook heel erg veel zin om binnenkort zelf een ICT-cursus te volgen. Ik denk dat ik over niet al te lange tijd een computer nodig heb voor mijn bedrijf. En dan ben ik daar alvast klaar voor.”