Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 53
Djibril Ndour - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 4
Diakher Ndour - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300

Samen naar een betere toekomst: zelfredzaamheid in Ndereppe

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 11

Epicentrum Ndereppe in Senegal staat sinds het begin van dit jaar op eigen benen en heeft hiermee het ultieme doel bereikt: zelfredzaamheid. In deze laatste fase van de epicentrumstrategie bereidde het dorp zich voor op het vertrek van The Hunger Project. En vertellen ze over de weg die ze hebben afgelegd om zelfredzaam te worden. 

Ndereppe is een verzameling van dertien dorpen op het platteland van Senegal, waar 9.500 mensen op loopafstand van elkaar wonen. In 2002 begon The Hunger Project hier met Vision, Commitment and Action workshops, waarin de dorpsbewoners hun dromen over de toekomst deelden en zelf concrete en haalbare plannen maakten om hun dromen te verwezenlijken. De workshops sloegen aan, en sindsdien is er veel gebeurd.

“Alle programma’s worden georganiseerd, geleid en uitgevoerd door de mensen zelf. Omdat zij geloven dat het anders kan in Ndereppe, en daar voor in actie willen komen.”

In het nieuwe epicentrumgebouw zijn alle diensten en activiteiten gevestigd. En dat zijn er veel. De graanbank ligt vol met zakken gierst. Bij de microfinancieringsbank sparen en lenen 102 vrouwengroepen, 7 mannengroepen en 96 individuele leden. Vanuit de gezondheidskliniek wordt de gezondheid van kinderen gecontroleerd en krijgen jonge moeders voorlichting over gezonde voeding. De winkel maakt winst en leert vrouwen meer over boekhouden en ondernemen. En het epicentrumgebouw geeft ruimte aan een kapper, een schoenmaker, een kleuterschool en een lagere school.

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 54Vanuit het epicentrum worden workshops gegeven en werken mensen aan een betere toekomst voor hun dorp. Honderden mensen volgden trainingen op het gebied van alfabetisering, voedselzekerheid, ondernemerschap, gezondheid en meer. Tientallen lokale vrijwilligers trainen hun dorpsgenoten en inspireren hen tot actie. De coaching en begeleiding wordt verzorgd door de lokale trainers en experts van The Hunger Project. Maar alle programma’s worden georganiseerd, geleid en uitgevoerd door de mensen zelf. Omdat zij geloven dat het anders kan in Ndereppe, en daar voor in actie willen komen.

“Zelfredzaam, zonder financiële steun van The Hunger Project – dat is waar epicentrum Ndereppe naartoe heeft gewerkt.”

Op weg naar onafhankelijkheid

Mareme Faye - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300In de laatste stap naar zelfredzaamheid bouwt The Hunger Project de ondersteuning aan het epicentrum af. En nu, na een aantal jaar training en begeleiding, werkt de gemeenschap van Ndereppe uiteindelijk zo goed met elkaar samen én met hun lokale overheid, dat ze voortaan zelf verder kunnen. Zonder honger en zonder armoede, maar bovendien ook in staat om nieuwe uitdagingen in de toekomst effectief samen aan te pakken. Zelfredzaam, zonder financiële steun van The Hunger Project – dat is waar epicentrum Ndereppe naartoe heeft gewerkt. De initiatieven die in gang zijn gezet, komen nu tot wasdom komen zodat het epicentrum op eigen benen kan blijven staan. De microfinancieringsbank moet het redden zonder investering van The Hunger Project. Het epicentrum moet zijn eigen onkosten betalen en verder zonder begeleiding van trainers van The Hunger Project. De gezondheids-, onderwijs- en voorlichtingsprogramma’s moeten op eigen kracht verder, gedreven door vrijwilligers.

“Iedereen is zeer gemotiveerd om te blijven werken aan verbetering van onze situatie.”

Vertrouwen

Directeur epicentrum Mbaye Ndiaye en presidente de la banque rurale Moyaye Ngom - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300Mbaye Ndiaye, voorzitter van het epicentrumcomité, ziet de toekomst met vertrouwen tegemoet. “Ik werk intensief samen met de betrokken mensen uit de dertien dorpen van Ndereppe. Hun commitment en inzet staan als een huis, die verdwijnen niet nu The Hunger Project weg gaat. Iedereen is zeer gemotiveerd om te blijven werken aan verbetering van onze situatie.”

Mbaye heeft zich goed voorbereid voor  het vertrek van The Hunger Project. “We zijn ons er goed bewust van dat we op eigen benen moeten staan. Daarom vragen we bij alle activiteiten in het epicentrum een bijdrage voor de lopende kosten en het onderhoud van het gebouw. Dus iedereen – van de kapper tot de winkelbeheerder, van de graanbank tot de rurale bank – draagt daar maandelijks aan bij. Zo houden de ondernemers het epicentrumgebouw financieel draaiende. Een aantal activiteiten wordt straks overgenomen door de overheid, waarmee we nauw samenwerken. Zoals de kleuterschool, de lagere school en het gezondheids- en voedingsprogramma. Hierover zijn we in gesprek met de (lokale) overheid. The Hunger Project-Senegal heeft dit contact met het lokale bestuur gestimuleerd en in het begin begeleid. En de rurale bank is onderdeel geworden van een officiële bank en krijgt op die manier ondersteuning. Zo kunnen de programma’s en activiteiten blijven draaien, nu en in de toekomst.”

“De gemeenschap in Ndereppe kan zichzelf goed redden.”

Advies

Allasane Pouye, medewerker THP - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300De gemeenschap zelf doet steeds meer, The Hunger Project steeds minder. Programmamanager Alassane Pouye van The Hunger Project-Senegal vertelt: “We zijn altijd helder en eerlijk geweest dat we ook weer weggaan. Zodat we in andere gebieden meer kunnen doen, maar belangrijker: omdat dat de gemeenschap in Ndereppe zichzelf goed kan redden.”

“De mensen hier staan open voor verandering, dat werkt erg prettig samen. Ze zijn geen begunstigden, maar echte partners.”

Gemeenschap

Directeur epicentrum Mbaye Ndiaye en animator Mor Sene - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300Alassane vertelt waarom het epicentrum Ndereppe zo goed functioneert dat zij nu zelfstandig is geworden. “Ndereppe is een voorloper in vergelijking met andere epicentra. Wij denken dat dit komt doordat Ndereppe een hechte gemeenschap is, en dat al was voordat The Hunger Project kwam. Tekenend is dat Ndereppe één van de weinige epicentra is die niet de naam draagt van één van de deelnemende dorpen, maar een naam die gebruikt wordt om deze verzameling dorpen aan te duiden. We gebruiken Ndereppe vaak als proeftuin. De mensen hier staan open voor verandering, dat werkt erg prettig samen. Ze zijn geen begunstigden, maar echte partners.”

Elk van de dertien deelnemende dorpen heeft een dorpscomité van vrijwilligers, geleid door het dorpshoofd en een coördinator. De zeven leden zijn elk verantwoordelijk voor een thema: voeding en gezondheid, alfabetisering, voedselzekerheid en de graanbank, microfinanciering, ondernemerschap en de winkel, vrouwenrechten en mobilisatie (VCA). De leden van het dorpscomité werken met elkaar samen, maar komen ook regelmatig samen met de leden uit de andere dorpen, die aan hetzelfde thema werken. Daar wisselen ze kennis en ervaringen uit. En ze sturen de animators aan, die in hun dorpen voorlichting geven over de thema’s. Over vrouwenrechten bijvoorbeeld, of over voeding en gezondheid. Zo geven de vrijwilligers de kennis door aan hun dorpsgenoten.

“De dorpsmoeders zijn echt de oren en ogen van het dorp. Zij hebben een zeer belangrijke taak!”

Dorpsmoeders

Ndeye Pouye - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 4Zo trainen animators van de graanbank hun dorpsgenoten in zaaitechnieken en voedselzekerheid, zodat de opbrengst omhoog gaat. De vrouwen die de winkel beheren leren in de praktijk over ondernemerschap en boekhouden. En het 1000-dagen programma, dat zich richt op voedselzekerheid en gezondheid van de jongste kinderen, wordt geleid door ‘dorpsmoeders’. Tijdens bijeenkomsten bereiden zij voedzame voorbeeldmaaltijden voor de kinderen. Ze geven advies, en ze houden in de gaten of moeders hun nieuwe kennis toepassen in de dagelijkse praktijk. Ze wegen kinderen en meten de omvang van de arm, zodat in de gaten kan worden gehouden of een kind ondervoed is. Omdat het een vrij nieuw programma is, krijgen ze nu nog steun van Marie Cecile Diam van The Hunger Project-Senegal. “Als het nodig is, schuif ik nu nog aan bij een bijeenkomst. Maar de dorpsmoeders zijn echt de oren en ogen van het dorp. Zij hebben een zeer belangrijke taak!” Daarbij werken ze nauw samen met de gezondheidspost in Bambey. Marie Cecile: “De verpleegkundige van de gezondheidspost komt regelmatig langs in de dorpen voor overleg met de dorpsmoeders. Als een van hen ondervoeding bij een kind constateert, wordt het kind doorverwezen naar de gezondheidspost. De rol van de gezondheidspost en de vrijwilligers wordt steeds groter, zij nemen het programma van The Hunger Project helemaal over.”

Lees hier meer over het 1000-dagen programma

“We willen onze leden stimuleren om naast de landbouw ook andere activiteiten gaan ontplooien. Zoals het fokken van vee.”

Samenwerking

Djibril Ndour - Senegal - Johannes OdéOok de microfinancieringsbank en de graanbank werken nauw samen met andere partijen. De rurale microfinancieringsbank valt nu onder de officiële rurale bank van de regio, die hielp om mobiel bankieren in Ndereppe op te zetten. En nu de graanbank ook een officiële boerencorporatie is, kan deze in aanmerking komen voor financiële ondersteuning vanuit programma’s van de overheid. Djibril Ndour, voorzitter van de boerencorporatie: “Via deze programma’s kunnen we straks onze leden microkredieten verstrekken, als aanvulling op de microfinancieringsbank. Daarmee willen we onze leden stimuleren om naast de landbouw ook andere activiteiten gaan ontplooien. Zoals het fokken van vee.” Djibril vervolgt: “Daarnaast willen we via de overheidsprogramma’s al onze 429 corporatie leden van zaaigoed voorzien. Nu is er nog niet voldoende zaaigoed voor alle corporatieleden, maar we willen iedereen de kans gaan geven om mee te doen met de graanbank.“

“Mijn droom is om een eigen winkel te openen. Dan hoef ik niet meer rond te reizen om mijn kleden en pindaolie te verkopen.”

Inkomsten

Tacko Faye - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 6Om de lopende kosten van het epicentrum en het onderhoud aan het epicentrumgebouw te kunnen betalen, worden met allerlei activiteiten inkomsten gegenereerd. Zo betaalt de microfinancieringsbank maandelijks een bijdrage. Tacko Faye, beheerder van de bank: “We maken winst, bijvoorbeeld door de 8% rente die mensen over hun lening betalen. En ook het mobiel bankieren levert inkomsten op, omdat per transactie betaald wordt door de klant. Een deel van de winst vloeit terug naar het epicentrum door onze maandelijkse bijdrage, zodat het gebouw en ons kantoor kan blijven bestaan.” En de handeltjes die met de microkredieten worden opgezet, zorgen voor meer inkomsten in het epicentrum. Zo zetten mensen handeltjes op in zeep, suiker, koffie of melk; verbouwen ze groenten, maken ze pindaolie of mesten ze vee vet voor de verkoop. Zo vult Ndeye Kane, beheerster van de winkel, haar inkomsten aan met een handeltje in geborduurde kleden, gestart met een microkrediet van de vrouwengroep uit haar dorp. “Ik koop voor 10.000 CFA aan stof en verkoop een geborduurde kleed voor 15.000 CFA. Daarnaast maak ik pindaolie, als aanvulling op de inkomsten. Dat levert zo’n 3.000 CFA winst op per kilo pinda’s. Mijn droom is om een eigen winkel te openen. Dan hoef ik niet meer rond te reizen om mijn kleden en pindaolie te verkopen. Ik hoop dat dit me gaat lukken met hulp van een microkrediet.”

Ook de winkel zelf draagt bij aan de financiële onafhankelijkheid van het epicentrum. Een deel van de winst wordt geïnvesteerd in het epicentrum. De rest van de winst is voor de beheerster van de winkel en de winkel zelf. Ndeye Kane heeft de winkel net vier maanden beheert: “We weten dat The Hunger Project zich gaat terugtrekken. Maar door ons systeem van afdragen aan het epicentrum, kan het gebouw blijven bestaan, dus ons winkelpand ook.”
Lees hier meer over de microfinancieringsbank

“Nu moet ik regelmatig nieuwe leden teleur stellen, omdat we onvoldoende middelen in kas hebben om hen een lening te verschaffen. We hebben een flinke wachtlijst.”

Toekomstplannen

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 32Ambitie genoeg in Ndereppe. Ndeye: “ We willen in de toekomst uitbreiden. We leggen geld opzij om een grotere voorraadruimte te bouwen. Zodat de winkel meer producten op voorraad kan hebben. Dan hoeven we minder vaak te laten leveren, wat transportkosten scheelt. En onze klanten hoeven we minder vaak te laten wachten op een bepaald product. Ook zouden we graag een kleine winkel openen in een dorpje verderop. Nu moet iedereen uit de 13 dorpen van het epicentrum hier komen voor hun rijst, zeep en andere producten. We hebben op dit moment 3 miljoen CFA in kas bij de (rurale) bank. We staan er dus goed voor met onze winkel!”

Lees hier meer over de winkel

Tacko Faye, beheerder van de bank, ziet ook voldoende mogelijkheden in de toekomst: “We willen blijven groeien. Nu moet ik regelmatig nieuwe leden teleur stellen, omdat we onvoldoende middelen in kas hebben om hen een lening te verschaffen. We hebben een flinke wachtlijst. Hoe meer nieuwe klanten met een spaarrekening, hoe meer middelen we hebben om nieuwe microkredieten uit te geven. Ledengroei is dus noodzakelijk. Onze animators doen daar hun best voor door in de dorpen voorlichting te geven.“

“Dorpsgenoten hebben samen de schouders eronder gezet. Zo kunnen ze verder blijven bouwen naar een mooie toekomst voor Ndereppe.”

Djibril Ndour - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 De graanbank, tot slot, ziet de toekomst ook vol vertrouwen tegemoet. Djibril Ndour, voorzitter van de boerencorporatie: “The Hunger Project gaf de graanbank een startkapitaal, bouwde samen met de gemeenschap de ruime voorraadschuur en trainde de animators in landbouwtechnieken. Dat was een goede start. We gaan verder op de weg die we zijn ingeslagen, met de kennis en de technieken die The Hunger Project ons heeft bijgebracht. We verwachten dat de graanbank zich in de toekomst zelf kan blijven bedruipen. We willen nieuwe voorraadschuren bouwen met meer opslagcapaciteit, zodat nog meer boeren zaaigoed kunnen afbetalen met oogst. En zodat nog meer mensen kunnen terugvallen op de voorraad als de gierst schaars wordt, en ze daardoor niet zijn overgeleverd aan de woekerprijzen van handelaren. De huidige schuur is niet groot genoeg voor onze ambities. Corporatieleden betalen eenmalig 5.000 CFA om lid te worden en daarna 1.000 CFA per jaar. Met deze bijdragen, samen met de opbrengst van de verkoop van gierst en toekomstige steun vanuit de overheidsprogramma’s, kunnen we de uitbreiding betalen. Zodat de graanbank en corporatie voor nog meer voedselzekerheid in de dorpen kunnen zorgen.”

Lees hier meer over de graanbank

Djibril, Tacko, Ndeye, Mbaye en de vele andere animators, dorpsmoeders, dorpshoofden, klanten van de microfinancieringsbank, leden van de graanbank en corporatie, beheerders van de winkel en hun dorpsgenoten hebben samen de schouders eronder gezet. En zijn nu daar: zelfredzaam. Zo kunnen ze verder blijven bouwen naar een mooie toekomst voor Ndereppe zonder honger en armoede.

Cheikh Dioud, lid van de graanbank - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300

Ndeye Kane - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 3
Moussa Ndour - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300
Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 46

Lees meer over de microfinancieringsbank, de graanbank, het 1000-dagen programma en de winkel

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 59

Het 1000-dagen programma

Tijdens de maandelijkse bijeenkomst voor het 1000-dagen programma in het dorp Mbadie krijgen moeders voorlichting over het belang van de eerste 1000 dagen van een kind en over gezonde voeding. Lokale vrijwilligers en ‘dorpsmoeders’ leiden dit programma. Het programma richt zich op de eerste 1000 dagen van een mensenleven: vanaf de eerste dag van de zwangerschap tot het tweede levensjaar. Want deze 1000 dagen zijn bepalend voor de verdere ontwikkeling van het kind.

Lees meer

Het 1000-dagen programma

Marie Cecile Diam - Senegal - Johannes Odé - 300x300Tijdens de maandelijkse bijeenkomst voor de moeders in het dorp Mbadie, spreekt Marie Cecile Diam van The Hunger Project-Senegal de aanwezige moeders vol enthousiasme toe: “Gezonde en goede voeding is belangrijk voor je kind! Een kind jonger dan zes maanden heeft alleen borstvoeding nodig, dat is het gezondste wat er is”.

Marie Cecile is coördinator van het gezondheids- en voedingsprogramma van The Hunger Project, en geeft ondersteuning aan de lokale vrijwilligers. “Sinds 2014 voeren we hier het 1000 dagen-programma uit, dat is gericht op de jongste kinderen. Vrijwilligers en ‘dorpsmoeders’ leiden dit programma. Maar omdat het nog vrij nieuw is, is het soms nog wel wennen voor hen. Daarom is soms nog een handje hulp nodig vanuit The Hunger Project – en schuif ik aan. ”

“De eerste 1000 dagen zijn bepalend voor de verdere ontwikkeling van het kind.”

Samenwerking

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 44Het 1000 dagen-programma richt zich op de eerste 1000 dagen van een mensenleven: vanaf de eerste dag van de zwangerschap tot het tweede levensjaar. Deze 1000 dagen zijn bepalend voor de verdere ontwikkeling van het kind. De lokale vrijwilligers geven voorlichting over het belang van de 1000 dagen en over gezonde voeding. Hierbij wordt nauw samengewerkt met de lokale overheid.

Marie Cecile: “De overheid heeft een programma voor kinderen tot vijf jaar, onder andere voor vaccinaties. Wij richten ons vooral op de eerste twee jaar, omdat die van essentieel belang zijn voor de ontwikkeling van een kind. We werken nauw samen met de gezondheidspost in Bambey. De verpleegkundige van de gezondheidspost komt bijvoorbeeld regelmatig langs in de dorpen voor overleg met de vrijwilligers die de bijeenkomsten voor de moeders organiseren. Als een vrijwilliger ondervoeding bij een kind constateert, wordt het kind doorverwezen naar de gezondheidspost. De gezondheidspost houdt voor de hele regio het aantal ondervoede kinderen bij. Als The Hunger Project zich terug trekt uit het epicentrum, zal de gezondheidspost van de overheid bovendien dit hele programma overnemen.”

“De moeders kunnen mij advies vragen, maar ik geef ook ongevraagd advies.”

Dorpsmoeders

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 58In én buiten de bijeenkomsten is een belangrijke rol weggelegd voor de marraines – de dorpsmoeders. Zij roepen de moeders op om naar de bijeenkomsten te komen. Tijdens de bijeenkomst bereiden zij voedzame voorbeeldmaaltijden voor de kinderen. En ze houden in de gaten of de moeders hun nieuwe kennis toepassen in de dagelijkse praktijk. Mareme Faye is dorpsmoeder in Mbadie. “Ik heb geleerd hoe ik de voorbeeldmaaltijden voor oudere kinderen en de pap voor de kinderen van 6 tot 12 maanden moet maken. De moeders kunnen mij advies vragen, als zij even niet meer weten hoe dat moet worden gemaakt. Maar ik geef ook ongevraagd advies. Bijvoorbeeld als een baby geen borstvoeding krijgt, als een zwangere vrouw haar controles overslaat of het kind geen vaccinaties krijgt. Dan spreek ik de moeders daarover aan. En als het nodig is, geef ik het door aan de verpleegster van de gezondheidspost.” Marie Cecile voegt toe: “De dorpsmoeders zijn echt de oren en ogen van het dorp! Zij hebben een zeer belangrijke taak.”

Pap en rijst met vis

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 61Vandaag koken de dorpsmoeders pap voor de jongsten en rijst, gierst, bonen, tomaten, uien en gedroogde vis voor de oudere kinderen. Zij halen de recepten uit een mapje dat The Hunger Project in overleg met de verpleegkundige samenstelde. Marie Cecile Diam: “Hoewel groente duur is en niet makkelijk verkrijgbaar, proberen we toch altijd een beetje groente in de recepten te verwerken. De recepten worden tijdens de bijeenkomt toegelicht.” In de pap voor de kinderen tot 12 maanden zit maismeel, gierstmeel en meel van bonen. Daar komt water, melk(poeder), suiker en olie bij om het geheel tot een voedzame pap te koken. De maaltijd van de oudste kinderen wordt ook gepureerd.

“Ik kan Mareme Faye altijd om advies vragen. Dit is mijn eerste kind, dus het is best even wennen.”

Awa Ngom en haar dochter Mdeye Yacine Ngom - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 2Awa Ngom en Nogaye Ngom zitten met hun dochtertjes Mdeye Yacine (5 maanden) en Astou (4 maanden) te wachten op de pap. Hoewel Marie Cecile de moeders adviseert om de eerste 6 maanden alleen borstvoeding te geven, willen zij hun dochters daarnaast ook van de pap laten eten. Awa is blij met de bijeenkomsten en de steun van de dorpsmoeders. “Ik kan Mareme Faye altijd om advies vragen. Dit is mijn eerste kind, dus het is best even wennen. Mareme Faye heeft me steeds gestimuleerd om naar alle controles in het ziekenhuis te gaan, zodat de zwangerschap goed gevolgd kon worden. Gelukkig verliep alles goed. En met mijn dochtertje Mdeye Yacine gaat het ook heel goed!”.

Rokhaye Mbenghe - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300
Sokhna Ndiaye is met haar dochter Rokhaya Mbenghe gekomen. Rokhaya Mbenghe heeft de maaltijd pap met smaak gegeten. Zij is nu 15 maanden oud en is het eerste kind van Sokhna. “Ik heb sinds ik hier kom een stuk of drie recepten geleerd. Dat is handig. Daarnaast vind ik het fijn dat mijn dochtertje in de gaten gehouden wordt, en elke keer gewogen wordt. Zelf vindt zij het wegen niet zo fijn, maar het is wel belangrijk!”

“De vrijwilligers krijgen les in het ter sprake brengen van belangrijke maar gevoelige onderwerpen.”

Meerdere pijlers

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 43In de bijeenkomsten wordt niet alleen aandacht besteed aan de voeding en gezondheid van de kinderen. Ook het voorkomen van malaria wordt behandeld, waarbij een belangrijk advies is om te slapen onder een klamboe. En aan de orde komt ook het voorkomen van hiv/aids door (vrouwen)condooms, en het voorkomen van ziektes als tuberculose door vaccinatie. De vrijwilligers hebben altijd voorbeeld vrouwencondooms bij zich, maar “het is geen gemakkelijk gespreksonderwerp” zoals Marie Cecile opmerkt. “De vrijwilligers krijgen les in het ter sprake brengen van dit soort gevoelige onderwerpen. Ook leren ze de meer technische dingen. Zoals het wegen van de kinderen en het meten van de omvang van de arm, zodat in de gaten kan worden gehouden of een kind ondervoed is.”



Ondervoeding en 1000-dagen

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 48Chronische honger is niet alleen een kwestie van weinig eten, maar vaak vooral van slecht of eenzijdig eten. Zelfs wanneer mensen voldoende voedsel binnenkrijgen om hun gevoel van honger te stillen, kunnen ze door slecht of eenzijdig eten een tekort hebben aan voedingsstoffen. Ondervoeding kan relatief eenvoudig worden voorkomen. Goede voeding in de eerste 1000 dagen van een mensenleven legt de basis voor een gezonde ontwikkeling. Wanneer een kind tijdens deze kritieke 1000 dagen voldoende vitaminen en mineralen krijgt, plukt het daar een leven lang de vruchten van. En wanneer een kind in deze periode onvoldoende voedingsstoffen binnenkrijgt, leidt dit tot een fysieke en mentale achterstand die nooit meer ingehaald kan worden.

Tacko Faye - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 6

De microfinancieringsbank

De microfinancieringsbank geeft niet alleen microkredieten uit, maar stimuleert mensen ook om te sparen. Wie een lening wil afsluiten, moet eerst een spaarrekening openen. Voordat ze een lening kunnen afsluiten, moeten ze eerst drie maanden sparen. Voor veel mensen is een spaarrekening nieuw. De financiële diensten die de microfinancieringsbank biedt, zijn voor Ndereppe essentieel om financieel onafhankelijk te worden. Want de vele handeltjes die met de microkredieten worden opgezet, zorgen voor meer inkomsten in het epicentrum.

Lees meer

Microfinancieringsbank

Tacko Faye - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 7Tacko Faye is sinds 2007 de beheerder van de rurale microfinancieringsbank van epicentrum Ndereppe in Senegal. In eerste instantie twijfelde ze, toen The Hunger Project haar vroeg om beheerder van de bank te worden. Ze had naast de lagere school alleen de alfabetiseringslessen van het epicentrum gevolgd. Wat wist zij nou af van het beheren van een bank? “Maar ik ben goed opgeleid door The Hunger Project. Ik leerde alles over boekhouden en andere dingen die bij het bankwezen horen. Daarna had ik het vertrouwen dat ik het zou kunnen.”

“Ik heb de bank zien groeien in die jaren. In 2007 maakten 17 vrouwengroepen gebruik van een microkrediet van de bank. Nu zijn dat er 102! Ook hebben nu 7 mannengroepen een microkrediet, en hebben we 96 individuele leden.”

“Wie een lening wil afsluiten, moet eerst een spaarrekening openen.”

Eerst sparen, dan lenen

Hogoye Sene en Tacko Faye - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300De bank geeft niet alleen microkredieten uit, maar stimuleert mensen ook om te sparen. Tacko: ”Wie een lening wil afsluiten, moet eerst een spaarrekening openen. Dat kost eenmalig 11.000 CFA (16,50 euro). Voordat ze een lening kunnen afsluiten, moeten ze eerst drie maanden lang minstens 5.000 CFA per maand sparen. En ook als de lening eenmaal loopt, sparen mensen minstens 5.000 CFA per maand. Meer sparen mag natuurlijk ook. Dat geld komt dan op een lopende rekening te staan, terwijl het andere spaartegoed wordt vastgezet. We hebben een lopende rekening en een soort deposito rekening bij de Credit Mutuel, een officiële bank. Al het spaargeld van onze leden, storten we daar. En hier ter plaatse hebben we ook een kleine geldvoorraad.”

“Mensen moet eerst overtuigd zijn van het nut van een spaarrekening.”

Voor veel mensen is een spaarrekening nieuw. Tacko vertelt: “Mensen moet eerst overtuigd zijn van het nut van een spaarrekening. In elk dorp vertellen vrijwilligers de mensen meer over sparen en hoe het werkt om een microkrediet te nemen. En vooral: wat het nut daarvan is !”

“Bijna overal in Senegal is ontvangst met de mobiele telefoon – ook in Ndereppe. Zo kan familie uit Dakar geld overmaken naar de rurale bank, zodat mensen dat hier kunnen opnemen.”

Mobiel bankieren

Ndeye Faye, caissière van de bank - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 4Wat je misschien niet zou verwachten in een afgelegen plek als deze, is dat er mobiel gebankierd wordt. Bijna overal in Senegal is ontvangst met de mobiele telefoon – ook in Ndereppe. Zo kan bijvoorbeeld familie uit Dakar geld overmaken naar de rurale bank van het epicentrum, zodat mensen dat hier kunnen opnemen. Kasbeheerder Ndeye Faye regelt deze transacties. Daarvoor volgde ze een opleiding bij de Banque Rurale van deze regio. En de technische partner CTISN leverde de benodigde apparatuur en de laptop. Ndeye Fall: “Ik houd alle leningen een spaarrekeningen digitaal bij, met een handig programma op onze laptop. Het werken met computers heb dit geleerd via onze technische partner – en ben daar blij mee. Maar toch staan ook de gegevens nog op papier.”

De mobiele transacties worden mogelijk gemaakt door het systeem Wari, met een code via de mobiele telefoon. Zo kan bij elke rurale bank geld opgenomen worden dat is verzonden vanaf een ander filiaal. Bij elke transactie worden kosten gerekend. De verdiensten worden verdeeld onder Wari, de verzendende bank en de bank waar het geld opgenomen wordt. Mobiel bankieren levert zo geld op voor de rurale bank van Ndereppe.

“Voorheen betaalde The Hunger Project de lopende kosten en de huur van het kantoor, nu doen we dat zelf.”

Winstgevend

Ndeye Faye, caissière van de bank - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300De rurale microfinancieringsbank van Ndereppe valt onder de officiële rurale bank van de regio, die weer onder de nationale BCEAO bank valt. Tacko: “We maken winst, bijvoorbeeld door de 8% rente die mensen over hun lening betalen. En ook het mobiel bankieren levert inkomsten op, omdat per transactie betaald wordt door de klant. Door deze activiteiten worden we financieel onafhankelijk. Want een deel van de winst vloeit terug naar het epicentrum: we betalen een maandelijkse bijdrage aan het epicentrum, zodat het gebouw en ons bankkantoor kan blijven bestaan. Voorheen betaalde The Hunger Project de lopende kosten en de huur van het kantoor, nu doen we dat zelf.”

De financiële diensten die de microfinancieringsbank biedt, zijn voor Ndereppe essentieel om financieel onafhankelijk te worden. Want ook de handeltjes die met de microkredieten worden opgezet, zorgen voor meer inkomsten in het epicentrum. De meeste microkredieten worden aangevraagd voor het kopen, vetmesten en verkopen van vee; kleine handeltjes in zeep, suiker, koffie of melk; het verbouwen van groenten; produceren van de populaire lokale drank bissap sap; en pindaolie maken. Ndeye Faye heeft zelf ook met een microkrediet pinda’s ingekocht en daarvan olie gemaakt. “Het was handig dat ik deze olie gratis kon laten filteren bij het epicentrumgebouw. Sinds kort is er ook een filter in mijn eigen dorp. Van de winst heb ik een schaap gekocht, die ik heb laten dekken. De lammetjes kan ik binnenkort verkopen.”

Ndeye Kane - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 2Ndeye Kane, beheerster van de winkel, vult haar inkomsten uit de winkel aan met een microkrediet van de vrouwengroep uit haar dorp. Zo kan ze haar handel in geborduurde kleden starten. “Ik koop voor 10.000 CFA aan stof en verkoop een geborduurde kleed voor 15.000 CFA. Daarnaast maak ik pindaolie, als aanvulling op de inkomsten. Dat levert zo’n 3.000 CFA winst op per kilo pinda’s. Mijn droom is om een eigen winkel te openen. Dan hoef ik niet meer rond te reizen om mijn kleden en pindaolie te verkopen. Ik hoop dat dit me gaat lukken met hulp van een microkrediet.”

“Het merendeel van de klanten betaalt de lening in zijn geheel terug. Ze weten dat het geen gift is, het is een lening die moet worden terug betaald.”

Parfum

Hogoye Sene - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 4Tacko: “Het merendeel van de klanten betaalt de lening in zijn geheel terug. Ze weten dat het geen gift is, het is een lening die moet worden terug betaald.” Zo komt Hogoye Sene vandaag een deel van haar lening aflossen. Ze heeft 200.000 CFA geleend. Daarover betaalt ze elke maand 8% rente, en ze spaart maandelijks 5.000 CFA. Hogoye lost haar lening in twee termijnen af, na de eerste drie maanden waarin niet afgelost hoeft te worden. Vandaag betaalt ze de eerste termijn terug, het volgende bedrag komt over drie maanden. De lening investeerde Hogoye in parfum, sieraden en spulletjes voor het haar. “Eerst had ik een gezamenlijke lening met een vrouwengroep. Ik doe het nu voor het eerst alleen en het bevalt me erg goed. Ik reken er op dat ik hierna weer een nieuwe lening kan afsluiten om zo mijn handeltje te kunnen uitbreiden. De zaken gaan goed! Eens in de maand ga ik naar Touba, waar ik mijn producten goedkoop in kan slaan.”

Ook Thioro Thiaw lost vandaag een deel van haar lening van 200.000 CFA af. Met de lening handelt zij in suiker, koffie, olie, koekjes en snoepjes. Vandaag lost zij 75.000 CFA af. Omdat de zaken goed gaan, verwacht ze na de komende drie maanden de gehele lening plus rente en spaargeld te kunnen betalen.

“We willen blijven groeien. Nu moet ik regelmatig leden teleur stellen. We hebben een flinke wachtlijst.”

Toekomst

Tacko Faye en Ndeye Faye - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300Tacko ziet voldoende mogelijkheden in de toekomst: “We willen blijven groeien. Nu moet ik regelmatig leden teleur stellen, omdat we onvoldoende middelen in kas hebben om hen een lening te verschaffen. We hebben een flinke wachtlijst. Maar hoe meer nieuwe klanten met een spaarrekening, hoe meer middelen we hebben om nieuwe microkredieten uit te geven – en hoe meer handeltjes er worden opgezet en hoe meer winst de bank maakt. Ledengroei is dus noodzakelijk. Onze animators doen daar hun best voor, door in de dorpen voorlichting te geven.”

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 36

De graanbank

Sinds de oprichting van de graanbank in 2006 is het aantal leden flink gegroeid, van 60 naar 253. De graanbank zorgt voor meer voedselzekerheid in de regio. In de zaaitijd krijgt elk lid 50 kilo goed zaaigoed van de graanbank – goed voor het inzaaien van twee hectare land. Leden worden getraind in het inzaaien van zaaigoed. Een deel van de opbrengst gebruiken ze om het zaaigoed weer terug te betalen: na de oogst levert elk lid tachtig kilo gierst aan de graanbank.

Lees meer

Voedselzekerheid door de graanbankDjibril Ndour - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 3

“In 2006 zijn we gestart met de graanbank. We zijn enorm gegroeid: van 60 leden bij de start, naar 253 leden nu. Bovendien hebben we in 2014 een boerencorporatie opgericht. In totaal zijn 429 boeren lid.” Aan het woord is Djibril Ndour, voorzitter van de boerencorporatie van het epicentrum Ndereppe in Senegal. “De graanbank zorgt voor meer voedselzekerheid in de regio. Maar we willen blijven doorgroeien en uitbreiden. Met de formele boerencorporatie kunnen we nog meer bereiken”.

Zaaigoed

In de zaaitijd krijgt elk lid 50 kilo goed zaaigoed van de graanbank – goed voor het inzaaien van twee hectare land. Via The Hunger Project worden de leden getraind in het inzaaien van zaaigoed. Met het goede zaaigoed en de verbeterde zaaitechniek verhoogt de opbrengst per hectare enorm. Een deel van de opbrengst gebruiken ze om het zaaigoed weer terug te betalen: na de oogst levert elk lid tachtig kilo gierst aan de graanbank.

“De boeren kunnen terugvallen op de voorraad als gierst schaars wordt, zodat ze niet zijn overgeleverd aan de woekerprijzen van handelaren.”

Al die kilo’s gierst worden opgeslagen in de voorraadschuur van het epicentrum. Op deze voorraad kunnen de boeren terugvallen als gierst schaars wordt, zodat ze niet zijn overgeleverd aan de woekerprijzen van handelaren. Wanneer de eigen voorraad gierst van de boeren begint op te raken, start de verkoop van gierst vanuit de graanbank – voor een redelijke prijs die altijd onder de marktprijs ligt. Want wanneer de nieuwe oogst wordt ingezaaid, en gierst schaars wordt, drijven handelaren de marktprijs op tot woekerprijzen.

“Als beheerder van de graanbank hou ik alles bij. Ik vind het belangrijk om te werken aan betere voedselzekerheid in mijn streek.”

Moussa Ndour - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 3De beheerder van de graanbank, Moussa Ndour, zorgt daarnaast altijd voor een noodvoorraad. “Meestal komen de regens in juli en augustus, maar dat is onzeker. Als de regens later komen, wordt er ook later geoogst. Met onze noodvoorraad kunnen we deze periode overbruggen. Op dit moment hebben we 19.520 kilo graan op voorraad. Nog negen boeren moeten hun bijdrage van dit jaar betalen, dan komen we uit op 20.240 kilo.” Moussa was ambtenaar, maar is sinds zijn pensioen als vrijwilliger beheerder van de graanbank. “Als beheerder van de graanbank hou ik alles bij. Ik vind het belangrijk om te werken aan betere voedselzekerheid in mijn streek.”

“Voorheen verbouwde ik gierst op vier hectare land, nu heb ik nog maar twee hectare nodig. Op het land dat overblijft, kan ik pinda’s en bonen verbouwen.”

Gierst in de slaapkamer

Cheikh Diouf uit Ndié is sinds de start lid van de graanbank. Ook is hij lid geworden van de nieuw opgerichte boerencorporatie. Het lidmaatschap heeft hem geholpen om zijn gezin van voldoende eten te voorzien. “Omdat ik een verbeterde zaaitechniek heb geleerd en goed zaaigoed krijg, is de opbrengst van mijn land enorm omhoog gegaan. Ik krijg nu meer oogst, met minder tijdsinvestering en op minder land. Voorheen verbouwde ik gierst op vier hectare land, nu heb ik nog maar twee hectare nodig. Op het land dat overblijft, kan ik pinda’s en bonen verbouwen. Deels voor eigen consumptie, deels voor de verkoop.”

“Ik heb twee vrouwen, negen kinderen en veel kleinkinderen. Met één vat, waar 250 kilo in gaat, doen we drie maanden. Genoeg gierst dus om het jaar door te komen!”

Cheikh Dioud, lid van de graanbank - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300In zijn huis laat Cheikh laat zes vaten met gierst zien: een paar in de voorraadschuur en een paar in de slaapkamer. “Ik heb voldoende voorraad in huis om mijn gezin te voeden. Ik heb twee vrouwen, negen kinderen en veel kleinkinderen. Met één vat, waar 250 kilo in gaat, doen we drie maanden. Genoeg gierst dus om het jaar door te komen! Ik hoef dan ook geen gierst te kopen bij de graanbank, maar het is goed dat deze voorziening aanwezig is.” Cheikh geeft als animator voorlichting over zaaitechnieken en voedselzekerheid aan zijn dorpsgenoten, en hij is lid van het dorpscomité dat over voedselzekerheid gaat. “Het lidmaatschap van de graanbank heeft mij veel gebracht: ik heb geen problemen meer om mijn gezin te voeden, mijn dorpsgenoten en ik hebben meer kennis over landbouw, en in het dorp is meer gemeenschapsgevoel en solidariteit gekomen.”

Toekomst

Diakher Ndour en zoon Mor Ndour in tuin - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300The Hunger Project gaf de graanbank een startkapitaal, bouwde samen met de gemeenschap de ruime voorraadschuur en trainde de animators in landbouwtechnieken. Djibril Ndour: “Dat was een goede start. We gaan verder op de weg die we zijn ingeslagen, met de kennis en de technieken die The Hunger Project ons heeft bijgebracht. We verwachten dat de graanbank zich in de toekomst zelf kan blijven bedruipen. En omdat we nu een officiële boerencorporatie zijn, komen we in aanmerking voor financiële ondersteuning van overheidsprogramma’s. Via die programma’s kunnen we ook microkredieten verstrekken aan onze leden, als aanvulling op de kredieten van de rurale bank. De tijd dat er gezaaid en geoogst wordt is met drie maanden per jaar maar kort. We willen onze leden stimuleren om met behulp van microkredieten ook andere activiteiten te ontplooien naast de landbouw. Zoals het fokken van vee.” Djibril, tevens dorpschef van het dorp Ndour, houdt zelf stieren. Met deels eigen middelen, en deels een microkrediet, heeft hij voor 50.000 CFA twee stieren gekocht. Na het vetmesten kan hij ze voor het dubbele verkopen.

“De huidige schuur is niet groot genoeg voor onze ambities. “

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 41Djibril vervolgt: “In de toekomst willen we met steun van de overheidsprogramma’s alle corporatieleden van zaaigoed voorzien. Nu hebben we voldoende zaaigoed voor de 253 leden van de graanbank, maar niet voor alle 429 leden van de corporatie. We willen iedereen de kans geven om mee te doen met de graanbank. Ook hebben we plannen om nieuwe voorraadschuren te bouwen met meer opslagcapaciteit, zodat nog meer mensen zaaigoed kunnen afbetalen met oogst, en in schaarste voor een goede prijs gierst kunnen kopen. De huidige schuur is niet groot genoeg voor onze ambities. Corporatieleden betalen eenmalig 5.000 CFA om lid te worden en daarna 1.000 CFA per jaar. Met deze bijdragen, samen met de opbrengst van de verkoop van gierst en toekomstige steun vanuit de overheidsprogramma’s, kunnen we de uitbreiding betalen. Zodat de graanbank en corporatie voor nog meer voedselzekerheid in de dorpen kunnen zorgen.”

Mame Fatou Faye en Ndeye Kane -Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 52

De winkel

In het epicentrumgebouw wordt sinds 2012 een winkel gerund door vrouwen. De winkel, een sociale onderneming, is gestart met een beginkapitaal van The Hunger Project en bedruipt zichzelf sindsdien. Het systeem van de winkel levert elke deelneemster werkervaring en inkomsten op. Bij toerbeurten beheren de vrouwen de winkel. Daarvoor worden ze getraind in rekenen en boekhouden. Elke deelneemster beheert de winkel vier maanden.

Lees meer

Ndeye Kane en Mame Fatou Faye - Senegal - Johannes OdéWinkel wordt winstgevend

Bij de winkel in het epicentrumgebouw van Ndereppe is het ’s ochtends vroeg al een komen en gaan van klanten. Mensen komen met ezelskarretjes om grote zakken rijst te laden. Anderen komen voor een zak waspoeder of snoepjes. De nieuwe winkelbeheerster Mame Fatou Faye is blij met de hulp die ze vandaag krijgt van voorgangster Ndeye Kane. Waar Mame Fatou de kredietgegevens van een klant niet kon vinden, tovert Ndeye ze zo tevoorschijn – zodat de klant de zak rijst op haar rekening kan laten zetten.

“De winkel, een sociale onderneming, is gestart met een beginkapitaal van The Hunger Project en bedruipt zichzelf sindsdien.”

Mame Fatou Faye - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 3In het epicentrumgebouw van Ndereppe in Senegal wordt sinds 2012 een winkel gerund door vrouwen. Zij komen uit de dertien dorpen die deel uit maken van het epicentrum, en ze wisselen elkaar af. De winkel, een sociale onderneming, is gestart met een beginkapitaal van The Hunger Project en bedruipt zichzelf sindsdien. De winkel is zeven dagen per week open, van 8 tot 13 uur en van 16 tot 19 uur. Tijdens de hete middaguren, wanneer de temperatuur gemakkelijk oploopt tot 40 graden, blijven de mensen liever thuis.

“Ik heb het in mijn bijeenkomsten over het verdelen van de taken in een huishouden en in de opvoeding van kinderen. Dat levert vaak flinke discussies op!”

LeerzaamBinta Diop Ndiaye met Ndeye Kane - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300

Samen met Binta Diop Ndiaye van The Hunger Project-Senegal, maakt Ndeye Kane de balans op van de vier maanden waarin zij winkelmanager was. Binta begeleidt de vrouwen en komt regelmatig langs uit Dakar om advies te geven. Ndeye Kane deelt met haar wat zij in de afgelopen vier maanden heeft geleerd. “Ik kon door de alfabetiseringslessen al lezen, schrijven en rekenen toen ik hier kwam werken. Door in de winkel te werken is mijn kennis er op vooruit gegaan. Vooral in rekenen ben ik beter geworden. Ook heb ik meer geleerd over boekhouding en hoe je overzicht krijgt in je inkomsten en uitgaven. Die kennis komt goed van pas, want ik wil met mijn verdiensten uit de winkel een eigen handeltje opstarten. Ik koop kleden in en borduur daar motieven op. Die kleden verkoop ik dan weer met winst. Ook ben ik in mijn dorp Sassar animator in vrouwenrechten geworden. Ik vertel de vrouwen én mannen in mijn dorp over de rechten en plichten van vrouw en man. En ik heb het in mijn bijeenkomsten over het verdelen van de taken in een huishouden en in de opvoeding van kinderen. Dat levert vaak flinke discussies op!”

Inkomsten

Het systeem van de winkel levert elke deelneemster werkervaring en inkomsten op. Bij toerbeurten beheren de vrouwen de winkel. Daarvoor worden ze getraind in rekenen en boekhouden. Elke deelneemster beheert de winkel vier maanden. Na afloop wordt de kas opgemaakt. Voorheen werd de winst gedeeld door drie: een derde van de winst voor de deelneemster en twee derde voor de winkel. Nu de winkel een echte sociale onderneming is, wordt de winst anders verdeeld. Maandelijks wordt 10.000 CFA (15 euro) van de opbrengst geïnvesteerd in het epicentrum, voor lopende kosten zoals onderhoud aan het gebouw, stroom, etc. Van het restbedrag gaat een derde naar de deelneemster en twee derde naar de winkel. Zo draagt de winkel bij aan de verzelfstandiging van het epicentrum. Zodat het epicentrum en de winkel kunnen blijven draaien, ook zonder steun van The Hunger Project.

“Een deel van de winst heb ik gebruikt om mijn huis uit te breiden. Mijn volwassen kinderen kunnen zo blijven slapen als ze op bezoek komen.”

Ndame Faye - Senegal - Ndereppe - Johannes OdéDe winst voor de deelneemsters is sinds de start flink gestegen. Daar kan Ndama Faye uit het dorpje Louloup over meepraten. Zij was al drie keer beheerder van de winkel. In die tijd is de beheerperiode langer geworden, van één naar vier maanden. De laatste keer was haar winst over vier maanden 280.000 CFA (ongeveer 425 euro). “Een deel van de winst heb ik gebruikt om mijn huis uit te breiden. Mijn volwassen kinderen kunnen zo blijven slapen als ze op bezoek komen. Een ander deel heb ik geïnvesteerd in mijn handel. In de winkel heb ik plezier gekregen in het handelen, ik kreeg het gevoel dat ik mezelf nuttig kon maken. Ik verkoop nu parfum, zeep en wierook. Eén keer per maand ga ik naar Dakar om voorraad in te slaan. Ik koop voor 30.000 CFA in en verkoop voor 65.000 CFA. Ik heb geen extra kredieten nodig van de bank om rond te komen. Ik heb voldoende inkomsten voor mezelf en mijn gezin. Mijn jongste dochter zit nu op de middelbare school! Mijn eerste man is vijftien jaar geleden overleden. Met hem had ik vijf kinderen. Ik ben hertrouwd en heb een zoon gekregen met mijn tweede man. Deze man heeft twee andere vrouwen. Hij vindt het goed dat ik handel drijf en mijn geld zelf beheer. Zo ben ik minder afhankelijk van hem. Hij moet ook nog twee andere vrouwen en hun kinderen onderhouden!”

“We zouden graag een tweede kleine winkel openen in een dorpje verderop. Nu komt iedereen uit de 13 dorpen van het epicentrum hier voor hun rijst, zeep en andere producten.”

ToekomstNdeye Kane - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 3

De beheersters van de winkel zien de toekomst vol vertrouwen tegemoet. “Onze maandelijkse bijdrage draagt bij aan de financiële onafhankelijkheid van het epicentrum, zodat het epicentrumgebouw en ons winkelpand blijven kunnen bestaan”, zegt Ndeye Kane. “We willen in de toekomst uitbreiden. Daarom leggen we geld opzij voor een grotere voorraadruimte, zodat we meer voorraad kunnen hebben. Dan hoeven we minder vaak producten te laten leveren, wat transportkosten scheelt. En onze klanten hoeven minder vaak te wachten op een bepaald product. Ook zouden we graag een tweede kleine winkel openen in een dorpje verderop. Nu komt iedereen uit de 13 dorpen van het epicentrum hier voor hun rijst, zeep en andere producten. We hebben op dit moment 3 miljoen CFA in kas bij de rurale bank. We staan er dus goed voor met onze winkel!”

Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 65
Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 6
Hogoye Sene - Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 3
Senegal - Ndereppe - Johannes Odé - 300x300 55

Masters of change

Tacko Faye is sinds 2007 de beheerder van de rurale microfinancieringsbank van epicentrum Ndereppe in Senegal. In eerste instantie twijfelde ze, toen The Hunger Project haar vroeg om beheerder van de bank te worden. Lees het verhaal van Tacko

Mbaye Ndiaye, voorzitter van het epicentrumcomité Ndereppe, ziet de toekomst met vertrouwen tegemoet. “De commitment en inzet van de vrijwilligers staan als een huis." Lees het verhaal van Mbaye

“Ik kon door de alfabetiseringslessen al lezen, schrijven en rekenen toen ik hier kwam werken. Door in de winkel te werken is mijn kennis er op vooruit gegaan." Ndeye Kane is nu animator en onderneemster. Lees het verhaal van Ndeye

Cheikh Diouf uit Ndié is sinds de start in 2006 lid van de graanbank in Ndereppe. Het lidmaatschap heeft hem geholpen om zijn gezin van voldoende eten te voorzien. Lees het verhaal van Cheikh

Tijdens de maandelijkse bijeenkomst voor de moeders in het dorp Mbadie, spreekt Marie Cecile Diam van The Hunger Project-Senegal de aanwezige moeders vol enthousiasme toe. Lees het verhaal van Marie

Djibril Ndour is voorzitter van de boerencorporatie van het epicentrum Ndereppe in Senegal. “De graanbank zorgt voor meer voedselzekerheid in de regio." Lees het verhaal van Djibril

Mareme Faye is dorpsmoeder in Mbadie. “Ik heb geleerd hoe ik de voorbeeldmaaltijden voor oudere kinderen en de pap voor de kinderen van 6 tot 12 maanden moet maken. De moeders kunnen mij advies vragen. Maar ik geef ook ongevraagd advies." Lees het verhaal van Mareme

“Onze maandelijkse bijdrage draagt bij aan de financiële onafhankelijkheid van het epicentrum, zodat het epicentrumgebouw en ons winkelpand blijven kunnen bestaan” Lees het verhaal van Mame

In de twaalf landen waar The Hunger Project werkt, zijn duizenden bijzondere mannen en vrouwen actief. Ondernemende mensen die verandering willen zien in hun dorp en zich daarvoor inzetten. Echte masters of change.Hier lees je hun verhalen

Tekst: Mariken Stolk
Foto’s: Johannes Odé

Meer lezen