Als thuiswerken geen optie is

Dragon & Driver of Change (& indien nodig directeur The Hunger Project Nederland)

Hopelijk treft dit bericht u en uw dierbaren in goede gezondheid, en vallen alle maatregelen u niet al te zwaar. Zelf heb ik een dochter van 20 die nu al weken met gelukkig milde corona-klachten kampt en vanwege haar nul-uren-contract in de horeca nu ook € 0 inkomen heeft; een magnifieke man die zich een slag in de rondte werkt om toch op afstand zijn eindexamenklassen erdoor te slepen, en een dochter van 11 die ik een leuker laatste basisschooljaar had gegund. Maar wij hebben het relatief super goed, want wat hebben we hier veel vangnetten met elkaar…  

Dat alles en iedereen onlosmakelijk met elkaar verbonden is, zien we nu misschien wel scherper dan ooit – het coronavirus verspreidt zich in hoog tempo over de wereld. En nu steeds meer van onze programmalanden in lockdown zijn, groeien bij The Hunger Project ook de zorgen. Niet alleen over corona in landen waar de zorg daar gegarandeerd niet tegen is opgewassen, maar juist ook over de economische gevolgen.

Daarom werken wij met man en macht in alle 13.000 dorpen waar we al vrijwilligers hebben getraind – aan voorlichting over het voorkomen van corona, maar net zo goed ook om te voorkomen dat er meer mensen overlijden aan de preventie dan aan de ziekte zelf.

Zoals altijd in ons werk gaat dat het allerbeste door lokale structuren te versterken en volop in te zetten op wat wél kan. Van binnenuit, en van onderop. Door mensen zélf.

Niet hamsteren, geen sociaal vangnet

In veel van onze projectgebieden leven mensen ‘hand-to-mouth‘: een dag niet gewerkt, is een dag niet gegeten. Het is bovendien in veel van de landen waar we werken juist nú oogsttijd, of juist tijd om te planten. Dus als je dan nu verplicht binnenblijft, komt er niet alleen vandaag geen eten op tafel, maar ook de komende maanden niet.

Veel mensen hebben er geen of nauwelijks een buffer; ze kunnen niet hamsteren, want de bevoorrading stokt nu de grenzen, de markten en de winkels dicht zijn – en er is ook geen sociaal vangnet, geen verzekering en geen uitkering. Voor hen is social distancing eigenlijk geen haalbare optie, en is een eigen kraan een grote luxe, laat staan zeep. Een lockdown kunnen zij zich vaak simpelweg niet veroorloven.

Effect van de maatregelen

Maite Vermeulen van De Correspondent schreef deze week een goed artikel over dit dilemma: “In arme landen betekent een lockdown honger. Is dat beter dan een virus?” (ook te beluisteren als podcast). Een fragment:

“Steeds meer wetenschappers luiden de afgelopen dagen voorzichtig de noodklok: er bestaat een goede kans dat de coronamaatregelen in arme landen én geen enkele zin hebben omdat arme mensen zich er niet aan kunnen houden én miljoenen mensen onder de armoedegrens zullen duwen omdat ze door de maatregelen geen geld meer kunnen verdienen. Wat is dan, onderaan de streep, het effect van de maatregelen?”

Meer dan alleen gezondheid of economie

Het coronavirus heeft hoe dan ook impact op meer dan onze gezondheid. Op de hele wereld gaan op dit moment vanwege corona anderhalf miljard kinderen en jongeren niet naar school of studie. En waar wij de afgelopen weken mopperden over hoe zwaar het ons valt om thuis onderwijs op afstand voor onze eigen kinderen te begeleiden, hebben de meeste van hen nu helemaal geen enkele les.

Daarbij lopen 320 miljoen kinderen niet alleen hun lessen, maar ook een voedzame schoolmaaltijd mis. Geweld tegen vrouwen neemt heel snel toe, en ook het aantal kindhuwelijken. Om een idee te geven bracht het United Nations Department of Economic and Social Affairs in kaart hoe de Covid-19 pandemie invloed heeft op alle 17 Sustainable Development Goals. Van #zerohunger tot goed onderwijs: de gevolgen zijn nu al merkbaar.

Voorbij de voorlichting

The Hunger Project en duizenden getrainde vrijwilligers en lokale leiders werken nu keihard aan coronapreventie door voorlichting over het virus en hygiëne. Maar we kijken ook verder: naar oogst- en zaaitijd, naar het vullen van voedselbanken en andere manieren waarop mensen zich kunnen voorbereiden op wat er (mogelijk) komen gaat. Bijvoorbeeld in Malawi, Oeganda en India:

Malawi

Het oogstseizoen is aangebroken: een cruciale tijd voor boeren. Ze gebruiken de oogst voor eigen consumptie en om te verkopen en geld mee te verdienen. Het goede nieuws is dat de oogst dit jaar beter is dan vorig jaar. Maar het slechte nieuws dat door de lockdown de markten gesloten zijn, zodat bijvoorbeeld mais niet verkocht of geruild kan worden tegen andere producten, zoals tomaten. Dit zorgt ervoor dat gezinnen een eenzijdige maaltijd én geen inkomsten hebben.

Epicentrumcoördinatoren in Malawi hebben samen met leiderschapscomités en animators hun eigen prioriteiten bepaald. Hun antwoord, naast goede voorlichting: de rurale bank en het vullen van de voedselbanken.

  • Dorpsbanken – om de lokale economie te blijven bevorderen, is het belangrijk dat geld blijft circuleren in de gemeenschap. Daarom blijven de rurale banken open. Zodat mensen hun verdiende geld naar de bank kunnen brengen om te sparen of om geld te lenen. Natuurlijk met tal van voorzorgsmaatregelen, zoals afstand van elkaar en veelvuldig handen wassen.
  • Voedselbank  – mensen kunnen hun oogst nu niet verkopen doordat winkels en markten gesloten zijn. Dat betekent dat ze geen geld sparen om straks eten van te kopen in het droge seizoen. Daarom is het goed functioneren van de voedselbank nu belangrijker dan ooit. Normaliter is dit de periode waarin boeren hun geleende zaden terugbetalen door een deel van hun oogst te leveren aan de voedselbank. The Hunger Project heeft nu opgeroepen om dit versneld te doen, zodat de voedselbanken goed vol komen voor de lastige tijden die ze verwachten.
Oeganda

Het zaai- en aanplantseizoen is gestart: kleine boeren moeten nu hun land bewerken. Anders hebben ze straks geen oogst en dus geen voedsel en inkomen. The Hunger Project Oeganda ziet de voedselprijzen nu al hard stijgen. Daarom roept Daisy Owomugasho (regiodirecteur Oost-Afrika bij The Hunger Project) mensen op om vooral op het land te blijven werken. Het is essentieel werk – zoals wij het kennen een vitaal beroep – en kan prima worden gedaan op 1,5 meter afstand van elkaar.

India

The Hunger Project India zette al voor de landelijke lockdown razendsnel in op grootschalige voorlichtingscampagnes. Een groot probleem is nu het terugkeren van arbeiders uit de grote steden. Zij hebben geen werk en onderdak meer, dus reizen af naar familie op het platteland.

Door The Hunger Project getrainde en geïnformeerde vrouwelijke dorpsraadsleden zorgen dat zij bij terugkeer in de dorpen worden gescreend op ziektesymptomen. En waar nodig in quarantaine worden geplaatst.

Ook worden boeren geïnformeerd hoe ze met de juiste voorzorgsmaatregelen toch op het land kunnen blijven werken, omdat ook hier het oogstseizoen is gestart.

In Jaganathpur, Odisha zorgt Rasmita Sahoo (voorzitter van de dorpsraad) ervoor dat iemand die terugkeerde uit Dubai naar het ziekenhuis kan, om daar gecontroleerd te worden op een mogelijke besmetting.

Oefenen met omdenken

Het zijn al met al bijzondere tijden. Want corona biedt ons allemaal de keus om te oefenen met omdenken: als we dat onder deze druk kunnen, dan kunnen we dat straks als mensheid immers ook met de andere grote vraagstukken van deze tijd, zoals het klimaat. En zoals honger en armoede.

We kunnen er elke dag opnieuw voor kiezen om verder naar binnen te keren, en verder te leven in angst en in haat. Of juist om die verbondenheid te voelen. Om ons vol in te zetten voor alles wat er wél kan.

Net als de vrijwilligers dat doen in de dorpen waar The Hunger Project werkt. En net als jullie dat zelf doen, door te investeren in ons werk om hen steeds opnieuw te motiveren en te informeren. Juist nu is dat belangrijker dan ooit. Want door jouw investering en betrokkenheid bij de levens van mensen ver weg, ben je een belichaming van misschien wel de meest wezenlijke principes die er zijn.

Investeer mee

Ook wij weten uit onze naaste omgeving dat het voor een aantal van ons op het moment krap is, en loeihard bikkelen om je bedrijf of je bestaan overeind te houden. We leven met je mee, en hopen en vertrouwen samen met jou dat het snel weer beter wordt. Maar mocht je juist wél wat financiële ruimte overhebben, dan zou je misschien een extra investering kunnen overwegen in ons werk. Wij kunnen elke extra euro héél erg goed gebruiken.

Fotografie: Johannes Odé en The Hunger Project India