
Een erfenis van idealen
In augustus 2024 nam Geer Goudriaan afscheid van haar geliefde Kees Bronke. Jarenlang stonden zij samen aan het roer van The Hunger Project in Nederland. Dat Kees zelfs na zijn overlijden via een legaat impact blijft maken voelt als vanzelfsprekend. “Kees en ik wisten meteen: The Hunger Project komt in ons testament.”
Gezamenlijk passieproject
“Kees werkte in de techniek, ik in de sociale sector. Ik vond het een goed idee van hem om een gezamenlijke passie te onderzoeken. Tijdens een toespraak van zijn dochter Corine op een bijeenkomst van The Hunger Project, werd ik geraakt door de filosofie en aanpak. Geen voedsel uitdelen of top-down-strategieën, maar lokaal eigenaarschap en zelfredzaamheid van mensen met honger stimuleren. Dát is een duurzame aanpak.”
Kees trok de kar.
“Kees enthousiasmeerde mij toen om samen in The Hunger Project te investeren. Hij werd zelf eind jaren 80 voorzitter van The Hunger Project Nederland, en samen bouwden we de organisatie verder uit tot een enthousiaste vrijwilligersorganisatie. In Zuid-Limburg organiseerden wij bijeenkomsten om mensen kennis te laten maken met The Hunger Project en gaven gastlessen op middelbare scholen. Dat deden we naast ons eigen werk, ik denk dat we wel 70 uur per week maakten. We waren zó bezield: het was ons leven.”

Aanpak werkt.
“Samen maakten we veel indrukwekkende investeerdersreizen: van India en Bangladesh tot Benin, Burkina Faso, Uganda en Mozambique. Vooral het enthousiasme van de vrouwen die we daar ontmoetten is bijgebleven. En: dat je ziet dat de community-led aanpak van The Hunger Project zó goed werkt. En door het bestuurlijke niveau in de dorpen en op landelijk niveau erbij te betrekken, zorg je dat de succesvolle aanpak zich verspreidt.”
Investeerder voor het leven, én daarna.
“Wij vinden dat de verhoudingen in de wereld zodanig ongelijk zijn, dat je ook in je nalatenschap moet laten zien dat die verhoudingen recht moeten worden getrokken. Kees vond het daarom heel belangrijk om een groot bedrag aan The Hunger Project na te laten. Ook ik laat een groot deel van mijn spaargeld na aan The Hunger Project. Het voelde voor ons beiden heel vanzelfsprekend dat je, naar vermogen, jouw rijkdom deelt om honger, armoede en ongelijkheid tegen te gaan. Om iets terug te geven aan de wereld van rijkdom en overvloed, die wij hier in het westen hebben. Die overtuiging wordt in onze familie breed gedragen; de kinderen van Kees kunnen er zich volledig in vinden dat hij een structureel bedrag aan The Hunger Project legateerde.”
Naar de notaris.
“We hebben éérst voor onszelf op papier gezet wat wij belangrijk vonden. Andere goede doelen zijn ook besproken, maar wij dachten direct: we kiezen voor één project en dat is The Hunger Project. Want het beëindigen van honger in de wereld is de basis om ongelijkheid tegen te gaan. Heel simpel: toen zijn we gewoon naar de notaris gegaan en die heeft het in deftige woorden opgeschreven. Het hoeft echt niet moeilijk te zijn. Een notaris kan je ook goed helpen als je er niet helemaal uit komt.”
Alle vertrouwen in The Hunger Project.
“Juist nu ontwikkelingssamenwerking overal wordt gekort, is het belangrijk dat particulieren opstaan. Van hen moet het komen als de overheid het niet meer doet. Ik hoop dat mijn eigen nalatenschap straks een klein steentje bijdraagt aan het opheffen van chronische ondervoeding in de wereld – door mensen zelf te leren om honger aan te pakken. Ik weet één ding zeker: daarvoor is het bij The Hunger Project in hele goede handen. Ik heb alle vertrouwen dat het geld goed wordt besteed.”
Het laatste woord.
“Tegen iedereen die net als Kees de wereld een warm hart toedraagt, en die nadenkt over goed doel in het testament zou ik zeggen: doen! Investeer een substantieel bedrag, niet zomaar een kleine gift. Het mag best een beetje pijn doen; je maakt er grote impact mee. En het is niet alleen maar altruïstisch; je groeit er zelf ook van. Je voelt dat je écht iets wezenlijks hebt bijgedragen.”