
Onze geschiedenis.
Wereldwijde campagne.
The Hunger Project Nederland werd ruim 45 jaar geleden opgericht, geïnspireerd door de Amerikaanse beweging. Sinds die tijd heeft The Hunger Project zichzelf telkens opnieuw uitgevonden, om het hoofd te kunnen bieden aan alle uitdagingen op weg naar een wereld zonder honger. Altijd op zoek naar het antwoord op die ene vraag: wat zou hét verschil kunnen maken voor een wereld zonder honger?
1 december 1980 ging The Hunger Project Nederland van start. Geïnspireerd door de Amerikaanse beweging, maakte The Hunger Project Nederland deel uit van een wereldwijde campagne over honger. Tientallen vrijwilligers voerden op straat gesprekken over de – toen nieuwe – boodschap: een wereld zonder honger is haalbaar. Ze haalden duizenden handtekeningen op.
We onderzochten in die eerste jaren welke stappen nodig waren om écht verschil te maken. We droegen bij aan het beëindigen van de hongersnood in Cambodja en Somalië, werkten mee aan Live Aid en richtten de Africa Prize for Leadership for the Sustainable End of Hunger op. Vanaf 1987 startten we met onze eerste programma’s: eerst in Mexico en India, daarna in Bangladesh, Senegal, Ghana, Benin, Burkina Faso, Malawi, Uganda, Ethiopië, Mozambique en Zambia.
Vrijwilligersorganisatie in Nederland.
In de jaren negentig werden door heel Nederland (maar vooral in Friesland en Limburg) acties georganiseerd door actieve groepen vrijwilligers: voorlichting op scholen, inspiratiebijeenkomsten en evenementen rondom de bekendmaking van de Africa Prize for Leadership.

Grassrootsorganisatie.
We leerden ondertussen steeds meer over duurzame oplossingen voor honger. Zo werd steeds duidelijker dat liefdadigheid en een top-down benadering niet werken op de lange termijn. Daarom besloten we, als één van de eerste organisaties, om de regie over hun eigen toekomst bij mensen zelf te leggen. Zodat honger van onderop en binnenuit aangepakt kan worden. We werden een grassrootsorganisatie.

Pionieren.
The Hunger Project pionierde tussen 1990 en 2000 met nieuwe grassroot benaderingen waarin mensen centraal staan. Zoals het African Woman Food Farmer Initiative gericht op vrouwelijke boeren. En een leiderschapsprogramma in India voor vrouwen en lokale democratie. We voerden wereldwijd campagne om aandacht te vragen voor deze bottom-up, gender-focused strategieën. Onze ‘epicentrumstrategie’ werd in internationale Millenium doelen-rapporten geroemd als bewezen effectieve methode voor armoede- en hongerbestrijding.

Groei.
De Nederlandse organisatie groeide uit van een vrijwilligersorganisatie tot een steeds professionelere organisatie, met een kantoor, een Comité van aanbeveling en strategische doelen. Steeds meer bedrijven, stichtingen en particulieren raakten diep betrokken bij ons werk. Want ook zij waren overtuigd: samen kunnen we een punt achter honger zetten. Vanaf 2008 ontstonden onze eerste investeerdersnetwerken, met betrokken mensen die zich jarenlang financieel inzetten voor projecten in Benin en India.
Door de grote inzet van vrijwilligers, sponsors en succesvolle fondsenwerving stegen de inkomsten vanaf 2011 spectaculair en konden we steeds meer programma’s tegen honger uitvoeren. Na jaren dromen werden we benificiënt van de Nationale Postcode Loterij en kwamen er overheidssubsidies – eerst voor Her Choice, later voor Right2Grow.

Internationaal samenwerken.
Op de SDG-summit lanceerde The Hunger Project ook haar internationale beweging voor community-led development. Want we willen zoveel mogelijk andere organisaties, beleidsmakers en financiers inspireren om van binnenuit en onderop te werken. We brengen partijen met dezelfde missie en community-led aanpak samen. De wereldwijde beweging bestaat inmiddels uit 3.000+ lokale en community-based organisaties, netwerken en 30 internationale ngo’s uit meer dan 40 landen die van elkaar leren en samen optrekken. Daarnaast speelt The Hunger Project Nederland binnen haar internationale organisatie een steeds grotere rol.

Impact.
In 2015 werd de eerste gemeenschap binnen onze programma’s zelfredzaam verklaard. Op dit moment staat de teller op 90 zelfredzame epicentra. We bereiken bijna 13 miljoen mensen in dorpen op het platteland van Afrika, Zuid-Azië en Latijns-Amerika. Ook trainden we in totaal al meer dan 500.000 lokale vrijwilligers die hun nieuwe kennis blijven delen met hun omgeving en volgende generaties, en hun dorpen zélf vooruithelpen. In meer dan 45 jaar tijd zagen we steeds opnieuw het bewijs voor onze overtuiging: een wereld zonder honger is mogelijk. Als we slim samenwerken, blijven volhouden en mensen met honger centraal zetten.
